Nederlandse Internisten Vereniging
 

Data uit visitaties

Analyse Kwaliteitsvisitaties

Sinds 1991 worden de kwaliteitsvisitaties verricht in zowel opleidings- als niet-opleidingsklinieken. Vanaf 2007 wordt het nieuwe visitatiemodel gebruikt met de volgende vier domeinen:
1. Evaluatie van zorg;
2. Patiëntenperspectief;
3. Functioneren vakgroep;
4. Professionele ontwikkeling.
We hebben de gegevens uit de visitaties ‘nieuwe stijl' onderzocht, om inzicht te krijgen in kwantitatieve aspecten van de internistische praktijkvoering. Op deze manier kunnen vakgroepen zich spiegelen. Daarnaast kunnen deze gegevens beleidsondersteuning geven op locaal en landelijk niveau. Het analyseren van de gegevens verkregen uit de kwaliteitsvisitaties ‘nieuwe stijl' is een eerste stap op weg naar het digitaliseren van de visitaties. Op deze manier kunnen we nagaan welke data relevant zijn, op welke manier de gegevens efficiënter (bij voorkeur ‘web-based') aangeleverd kunnen worden en welke gegevens betrokken kunnen worden uit reeds bestaande bestanden. De uitgevoerde analyse betreft data van 33 kwaliteitsvisitaties die gehouden zijn van januari 2007 tot en met juni 2008. Ruim de helft van de gevisiteerde ziekenhuizen zijn opleidingsklinieken.

Resultaten
De resultaten zijn besproken in het Forum Visitatorum, de Commissie Kwaliteit en het NIV-Bestuur. Er wordt benadrukt dat de spreiding van de gegevens groot is en er geen correctie is voor bijvoorbeeld casemix en regio-effecten. De analyse werd bemoeilijkt door de volgende factoren:

  • De inhoud van de vragenlijst en rapportage is tussen januari 2007 en juni 2008 aangepast, zodat sommige data alleen voor een deel van de gevisiteerde ziekenhuizen beschikbaar is.
  • Open vragen hebben een variëteit aan antwoorden opgeleverd, waardoor kwantitatieve analyse niet goed mogelijk was. Bijvoorbeeld de vraag naar het aantal uren poli per week leverden antwoorden op als 'sterk variërend', 'wisselt per internist', '12 - 20 uur', '3 uur per polikliniek'.
  • Door onduidelijkheid over de gevraagde data werden antwoorden onvergelijkbaar. Bij de vraag naar het aantal bedden werd het aantal erkende of het aantal gebruikte bedden opgegeven. Het aantal bedden per ziekenhuis zoals opgegeven voor de visitatie bleek regelmatig af te wijken van het aantal bedden in het jaardocument 2007 van datzelfde ziekenhuis. Welke data gebruikt kunnen worden in de analyse is dan onbekend.
  • Ten slotte werden vragen niet door alle ziekenhuizen beantwoord.

De analyse heeft aangetoond dat bruikbare kengetallen afgeleid zouden kunnen worden van de data uit kwaliteitsvisitaties. Om de benodigde accurate, kwantitatieve data voor die analyse te verzamelen, is het Forum Visitatorum bezig om de vragenlijst en rapportage te herzien. Desalniettemin zijn nu kengetallen voorhanden die voorheen niet beschikbaar waren over wat u als internist gemiddeld doet, waar hierbij een compilatie volgt:

  • De klinische adherentie van ziekenhuizen varieert tussen de 58.000 en ruim 400.000 inwoners. Gemiddeld zijn 61 fte medisch specialisten per 100.000 adherentie nodig.
  • Per internist bedient u bijna 20.000 inwoners. Per 100.000 adherentie zijn ongeveer 5 fte internisten nodig en in totaal 60 fte medisch specialisten voor het gehele ziekenhuis.
  • Uw maatschapgrootte varieert tussen de 4 en 17 fte internist; vaak zijn er meer personen dan fte door het toenemend aantal parttimers.
  • In bijna 70% is sprake van een maatschap met andere specialismen, in 74% hiervan betreft het de MDL; Overige combinaties zijn met reumatologie, longziekten en/of cardiologie. (zie figuur 1)
  • U heeft per fte internist gemiddeld 1,28 fte polikliniek ondersteuning nodig en 0,73 fte secretariële ondersteuning. Ook hier is de spreiding groot. (zie tabel 1)
  • De mortaliteit (ratio van het aantal overleden patiënten ten opzichte van het aantal opnames) ligt rond de 6% met een spreiding tussen de 3% en 12%. Benadrukt wordt dat dit de ruwe mortaliteit betreft die niet gecorrigeerd is voor casemix etc.
  • Het obductiepercentage is gemiddeld 16%. De obducties worden vaker besproken in opleidingsklinieken (71%) dan in niet opleidingsklinieken (41%).
  • Thematische poliklinieken zijn er voor Oncologie en Diabetes Mellitus in 87% van de ziekenhuizen, Vasculaire geneeskunde en Osteoporose in 57% van de ziekenhuizen, Lipiden in 33% en HIV in 10%. (zie tabel 2)
  • Zwaarwegende adviezen bij de kwaliteitsvisitaties worden in ongeveer 60% opgevolgd, 40% dus niet! (zie figuur 2)
  • Aanbevelingen worden in 81% gerealiseerd.

Conclusie
Internisten doen hun werk onder sterk variërende omstandigheden met vaak weer eigen couleur locale. Dit is ook het bijzondere kenmerkende en aantrekkelijke van ons vak. Toch zijn bovenvermelde getallen waarschijnlijk wel behulpzaam als globale referentie ofwel benchmark voor de algemene internistenpraktijk in de algemene ziekenhuizen. Dit betreft cumulatief de werkomgeving van ongeveer 60% van de internisten. Bijna 40% van de internisten werkt in de universitair medische centra waar nu nog geen kwaliteitsvisitaties worden verricht vanuit de NIV. Daarnaast zijn er nog solistisch werkende collegae en -steeds meer- internist-intensivisten met allen weer een totaal andere werkomgeving. Het Forum Visitatorum beraadt zich over een format waarin ook deze collegae een vorm van kwaliteitsvisitatie aangeboden gaat worden.
Het Forum Visitatorum verneemt graag uw commentaar op deze gegevens en mogelijke wensen voor meer kwantitatieve of kwalitatieve parameters.

Namens het Forum Visitatorum,
Harmjo Blom, voorzitter
Sven Janssen, secretaris
Annemieke van Meelis, programmamanager kwaliteit NIV


Bron: Nieuwsbrief 4, juli 2009