Nederlandse Internisten Vereniging
 

Huishoudelijk reglement

BESTUUR

Artikel 1

  1. Het bestuur bestaat uit ten minste zeven leden. Het dagelijks bestuur wordt uit en door het bestuur samengesteld en bestaat uit een voorzitter, vice-voorzitter, secretaris en penningmeester.
  2. De voorzitter geeft leiding aan de vergadering van het bestuur, van het dagelijks bestuur en van de algemene vergadering. Bij tijdelijke ontstentenis en bij tussentijds aftreden van de voorzitter neemt de vice-voorzitter of bij zijn afwezigheid zijn plaatsvervanger de taken van de voorzitter waar.
  3. De penningmeester voert in samenwerking met de directeur het financiële beheer van de vereniging op een wijze door het bestuur vast te stellen. In overleg met het bestuur en in samenwerking met de directeur stelt hij een begroting en een voorstel over de hoogte van de contributie op voor het volgende verenigingsjaar, welke tijdens de laatste algemene vergadering van het lopende jaar ter goedkeuring aan de leden moeten worden voorgelegd.

Artikel 2

  1. Een vacature in het bestuur wordt openbaar gemaakt voor de leden van de vereniging.
  2. Bij een vacature voor de functie van voorzitter stelt het bestuur een selectiecommissie samen, waar in ieder geval de directeur en ten minste twee leden van het bestuur (niet zijnde de voorzitter) deel van uitmaken.
  3. Bij een vacature voor de overige functies binnen het bestuur wordt de selectiecommissie door het bestuur samengesteld.
  4. De selectiecommissie beoordeelt de geschiktheid van de kandidaten voor de vacante functie in het bestuur en draagt een opvolger voor aan het bestuur.
  5. Na een positief bestuursbesluit wordt de opvolger door het bestuur ter benoeming voorgedragen tijdens de algemene vergadering.

Artikel 3

Elk lid van het bestuur ontvangt een vergoeding uit het bestuurswaarnemingsfonds voor zijn taken in het bestuur. De hoogte van de vergoeding wordt nader door het bestuur bepaald.

BUREAU

Artikel 4

  1. Het bureau ondersteunt het bestuur bij de uitvoering van haar taken.
  2. Het bestuur is bevoegd ter behartiging van bepaalde belangen een directeur te benoemen en taken aan hem te delegeren. De directeur is belast met de dagelijkse leiding van het bureau.
  3. De directeur werkt onder verantwoordelijkheid van het bestuur en dient verslag uit te brengen aan het bestuur. De directeur heeft structureel overleg met de voorzitter, dagelijks bestuur of het bestuur.

SECTIES

Artikel 5

  1. Elk aandachtsgebied/profiel van de interne geneeskunde is georganiseerd in een sectie.
  2. De secties worden gevormd door de opleiders in het betreffende aandachtsgebied en twee perifere internisten in het betreffende aandachtsgebied.
  3. De secties worden vertegenwoordigd in het Concilium Medicinae Internae.
  4. De secties brengen verslag uit van hun werkzaamheden aan het bestuur.
  5. Alle besluiten van secties die direct of indirect het beleid van de vereniging aangaan, behoeven de goedkeuring door het bestuur.

COMMISSIES

Artikel 6

  1. Het bestuur is bevoegd ter behartiging van bepaalde belangen commissies in het leven te roepen.
  2. Secretariële en facilitaire ondersteuning vindt plaats door en vanuit het bureau.
  3. Alle vergaderingen van de commissies vinden in principe in Domus Medica te Utrecht plaats. Vergaderingen worden georganiseerd door het bureau.

Artikel 7

  1. Een commissielid moet lid van de vereniging zijn.
  2. Commissieleden treden na een zittingsduur van drie jaar af volgens een vastgesteld rooster. Zij zijn dan nog één maal voor een periode van drie jaar terstond herbenoembaar.
  3. Het lidmaatschap van commissieleden kan – bij wijze van uitzondering – worden verlengd indien bijzondere omstandigheden een dergelijke verlenging rechtvaardigen.
  4. Van nieuw in te stellen commissies worden de leden benoemd door het bestuur. Voor bestaande commissies worden leden benoemd door de commissie.

Artikel 8

  1. Van commissieleden wordt verwacht dat zij zich actief inzetten en regelmatig aanwezig zijn bij commissievergaderingen. Onder “regelmatige aanwezigheid” wordt verstaan een aanwezigheid van ten minste 70% bij vergaderingen of andere bijeenkomsten.
  2. Commissieleden ontvangen een reiskostenvergoeding op basis van 1e klas treinvervoer. De vergoeding wordt verrekend op basis van presentielijsten.
  3. De commissies brengen regelmatig verslag uit van hun werkzaamheden aan het bestuur.
  4. Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen en bij staken van de stemmen geeft de stem van de voorzitter of, bij diens afwezigheid, de stem van zijn/haar plaatsvervanger, de doorslag.
  5. Alle besluiten van commissies die direct of indirect het beleid van de vereniging betreffen, behoeven de goedkeuring door het bestuur.
  6. Commissies hebben geen eigen geldmiddelen. Activiteiten worden in overleg met de directeur en penningmeester begroot binnen het budget van de vereniging. Financiële afspraken en/of contracten worden uitsluitend aangegaan door de directeur of de penningmeester.
  7. Het is een commissie toegestaan om een reglement vast te stellen. Het reglement moet ter goedkeuring aan het bestuur van de vereniging worden voorgelegd. De kaders van de statuten en het huishoudelijk reglement zijn uitgangspunt bij de beoordeling van het reglement door het bestuur.
  8. Commissies dienen in het eerste kwartaal van het daaropvolgende jaar een jaarverslag in te dienen bij het bestuur.
  9. De notulen van commissievergaderingen worden in afschrift verzonden aan het bestuur en directeur.

WERKGROEPEN

Artikel 9

  1. Het (dagelijks) bestuur en de commissies zijn bevoegd voor de uitvoering van projecten werkgroepen op te richten.
  2. Het bestuur of de commissie geeft de werkgroep een specifieke opdracht voor een bepaalde periode.
  3. De benoeming van de leden vindt plaats door het (dagelijks) bestuur of de betreffende commissie.
  4. Leden van de werkgroep ontvangen een reiskostenvergoeding op basis van 1e klas treinvervoer. De vergoeding wordt verrekend op basis van presentielijsten.
  5. De werkgroepen brengen verslag uit van hun werkzaamheden aan het bestuur of de betreffende commissie.
  6. Alle besluiten van werkgroepen die direct of indirect het beleid van de vereniging aangaan, behoeven de goedkeuring door het bestuur.

EXTERNE VERTEGENWOORDIGING

Artikel 10

  1. Een lid kan slechts krachtens een daartoe strekkende benoeming door het bestuur de vereniging extern vertegenwoordigen.
  2. Een lid die de vereniging vertegenwoordigt in organen buiten de vereniging worden geacht regelmatig verslag uit te brengen aan het bestuur of de betreffende commissie.
  3. Leden worden geacht geen externe contacten namens de vereniging aan te gaan die de belangen van de vereniging en/of haar leden zouden kunnen schaden.
  4. Het bestuur kan een procedure vaststellen voor vertegenwoordiging van de vereniging door leden in organen buiten de vereniging.

SLOTBEPALINGEN

Artikel 11

  1. In alle gevallen waarin het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het bestuur.
  2. Wijzigingen in dit huishoudelijk reglement worden geregeld zoals in de statuten vermeld.